Is er dood na het leven? (1)

Over enkele dagen verschijnt in InZicht, tijdschrift voor radicaal zelfonderzoek, een nieuwe bijdrage van mijn hand. Het novembernummer van InZicht is een themanummer, gewijd aan ‘leven en dood’.

Ditmaal heb ik een bijdrage geschreven samen met Marijke Eggink. De titel van onze bijdrage is ‘Is er dood na het leven?’

Afgelopen zomer hebben wij met elkaar gewerkt aan dit artikel. Een spannende en intense ervaring. Ieder van ons heeft haar eigen angstige en stressvolle gedachten over de dood onderzocht met behulp van The Work of Byron Katie.

Wie geïnteresseerd is, kan het verslag van ons onderzoek lezen in het novembernummer van InZicht.

 

Naar aanleiding van dit artikel wil ik de komende tijd enkele stukjes schrijven op mijn weblog.

Het thema is ‘Leef elke dag alsof het je laatste is’ en de omkering daarvan: ‘Leef elke dag alsof het je eerste is’.

Wie ben ik?

Een goede vriendin stuurde vandaag aan 21 mensen het verzoek om haar te vertellen wat voor ieder van ons de vraag ‘wie ben ik?’ betekent. Dit schreef ik haar.

 

Wie ben ik? Een boeiende en moeilijke vraag. Ik ben met die vraag nooit zo bezig geweest. Heel simpel omdat ik heel lang dacht dat ‘ik’ zo’n beetje de hele wereld was, iedereen ongeveer was zoals ‘ik’ en zo niet, dan zouden ze toch wel moeten worden zoals ‘ik’. Daarna kwam de twijfel aan mezelf en de voortdurende vergelijking met anderen. Voortdurende competitie omdat ik aan het afkijken was (‘zo wil ik ook worden’) en aan het afkeuren (‘die bakt er niets van’). Het eerste leverde me stress, strijd en werklust op; het tweede gaf me een prettig gevoel van superioriteit en een pijnlijk gevoel van afgescheiden zijn en eenzaamheid.

Hoe is het nu? Wie ben ik? Ik weet het niet en het kan me niet schelen. Ik ervaar dat er iets onveranderlijks in mij zit: iets wat zich altijd op de een of andere manier manifesteert. En tegelijk word ik steeds stiller, ervaar ik het verval van mijn fysieke verschijningsvorm (die ik ook niet ben) en ervaar ik af en toe iets van collectief bewustzijn.

Ik doe oefeningen (The Work of Byron Katie en Eckhart Tolle) die langzamerhand mijn ego, mijn ‘ik’, ontmantelen. Hierdoor leer ik mezelf beter kennen en accepteren: mijn afkomst, mijn leven, mijn familie, mijn werk, kortom wie ik ben.

Wereldvrede begint in mezelf

Vrede op aarde. Hoe vaak zullen deze woorden in alle mogelijke talen de laatste dagen gesproken en gezongen zijn? Peace on earth is ook de titel van de decembernieuwsbrief van Byron Katie.

 

Centraal daarin staan de ervaringen van vijf inwoners van Rwanda (Tutsi’s) die hebben deelgenomen aan de laatste School for The Work van 2008. Op de slotdag maakte een van hen zich bekend als Hutu. Hij vertelt hoe hij in The School for The Work heeft gewerkt om alle politieke gedachten van zijn land die hij had geloofd en die zijn volk hadden aangezet tot genocide, te ‘deconstrueren’. Om te gaan ervaren dat “we are all one people” en “if you have selfchange, you can change the community”. Hopelijk komt er vrede voor hen en voor alle mensen met wie zij nu in hun eigen gemeenschappen het onderzoekswerk dat The Work is, gaan doen.

“Genocide is niets anders dan het geloven van je gedachten”, aldus Byron Katie. Neem 12 minuten de tijd en luister naar de audioclip met de verklaringen van de mensen uit Rwanda. Een ontroerende en inspirerende getuigenis hoe wereldvrede in onszelf begint. Met het onderzoek van al onze gedachten en overtuigingen die we voor waar houden en die ons pijn, stress of andere vormen van (machts)strijd opleveren.

Freek de Jonge en bewustzijn

Freek de Jonge heeft een fantastisch voorbeeld laten zien, aan tafel bij Pauw en Witteman, hoe moeilijk het is om ‘spiripraat’ om te zetten in concrete handelingen. Nog niet eerder zag ik in zo korte tijd een demonstratie van het grote verschil tussen gebabbel over hoger bewustzijn, liefde e.d. en feitelijke handelingen.

 

Freek zei een tocht te hebben gemaakt die ooit begon met moralisme en die nu via de ironie en het cynisme is aangekomen bij de liefde. “Ik kijk nu iets meer vanuit de rust van een oude man”, aldus de cabaretier die zich daarbij beriep op de inzichten die hij had verkregen van een ander bewustzijn dat hoger en verder is dan ‘intelligentie’.

 

Luttele minuten na dit betoog kon De Jonge zich niet meer beheersen aan tafel, recht tegenover misdaadverslaggever Peter R. de Vries die weer een filmpje met verborgen camera mocht komen promoten. De Jonge draaide zich zichtbaar af van De Vries en barstte daarna uit in een moraliserende tirade tegen de misdaadverslaggever die vervolgens met zijn eigen aanval reageerde. De Jonge mocht de uitzending afsluiten met ‘De kerstengel’, een mooi lied over vrede. De Vries keek tijdens dit optreden verbeten de andere kant uit. De oorlog tussen de twee was een feit.

 

Freek de Jonge liet in een paar minuten indringende TV zien hoe groot de kloof kan zijn tussen ‘weten’ en ‘handelen’. Een liefdevol bewustzijn kost geen enkele moeite in nabijheid van prettige, ongeveer gelijkgestemde mensen. Onze liefde wordt pas echt op de proef gesteld als we een ander ontmoeten die ver van ons afstaat. In die ontmoeting wordt het bewijs geleverd of je echt tot inzicht bent gekomen, in staat tot een liefdevol gesprek met degene wiens zienswijze niet de jouwe is of dat je bewustzijn blijft steken in moralisme of iets anders. Zolang een oorlog nog kan beginnen aan tafel bij Pauw en Witteman, aan onze eigen vergadertafels of keukentafels, is het in de rest van de wereld niet veel beter. Zie de uitzending.

Vitaliteit en leeftijd

De ‘babyboomers’ worden grijs. De vergrijzing is volgens sommigen zelfs een “serieus probleem”. Niet in de visie van Dick Sipsma, emeritus hoogleraar klinische geriatrie. Volgens hem is vergrijzing geen doem maar een zegen. Hij spreekt liever over verzilvering, zo valt te lezen in zijn inspirerende boekje ‘Van oude mensen de dingen die gaan komen’.

 

Sipsma roept de nieuwe ouderen op om de bureaucraten te provoceren door alle op onzinnige gronden aangebrachte leeftijdgrenzen te overschrijden.

In Trouw van 4 april jl. staat een artikel over nieuwe netwerken die de ministeries van BZK en van VWS sinds kort kennen. Het zijn netwerken van oudere ambtenaren die niet hun tijd willen uitzitten. Zij willen een zinvolle bijdrage leveren met hun kennis, wijsheid en ervaring. Bij BZK noemen ze zich de Grijze Leeuwen en bij VWS heten ze Experienced. Er staat een foto bij van enkele Grijze Leeuwen: enthousiaste en vitale mensen.

In vitaliteit (en niet in leeftijd) zit volgens mij het geheim van ‘niet-oud oud worden’. Zo ken ik vitale tachtigers en bejaarde dertigers.

In mijn ervaring ontstaat vitaliteit als je in je leven een balans weet te vinden tussen fysiek, mentaal, emotioneel en spiritueel welbevinden. En hoe doe je dat?

Op fysiek niveau zijn passende voeding en gezonde beweging essentieel.

Op mentaal niveau gaat het om een innerlijke houding waardoor je je blijft open stellen om te leren: leer alsof je eeuwig leeft. Een ander belangrijk aspect van een vitale innerlijke houding is rust. Dat wil niet zeggen: uitrusten en een dutje doen, wel mediteren en ademhalingsoefeningen doen zodat je een rustig en helder hoofd krijgt.

Op emotioneel niveau zijn relaties van vitale waarde: mensen in je directe omgeving met wie je kunt delen, zowel je successen als je verdriet en je missers.

Op spiritueel niveau gaat het om een haalbaar doel in je leven op basis van jouw talenten en mogelijkheden, waarmee je een zinvolle bijdrage levert aan een groter geheel (andere mensen, de natuur, je wijk of stad, de samenleving).

Samen met Eveline Eijkhout (http://www.eveline-eijkhout.nl/) ontwikkel ik een vitaliteitsprogramma zowel voor oudere als jongere werknemers die vitaal willen leven en werken.

Wat maakt een mens gelukkig?

Wat maakt een mens gelukkig? Is dat een eigen huis of een vers kopje thee? – om een populaire zanger te citeren. Of zijn het toch andere dingen? Dingen die niet buiten ons liggen, maar in onszelf zitten?

 

Dagblad Trouw heeft op oudejaarsdag 2007 een serie artikelen over geluk afgesloten met onder andere vijf tips voor geluk. Deze tips heb ik op basis van eigen ervaring bewerkt en ze zijn nu als volgt:

– Geef aandacht aan jezelf in uiterlijke zin: gezond eten en leven, sport, ontspanning en plezier.

– Geef aandacht aan jezelf in innerlijke zin: onderzoek je emoties, overtuigingen en gedachten; beoefen een open geest.

– Versterk datgene waar je goed in bent; richt je niet op waar je minder goed in bent.

– Geef aandacht aan de mensen om je heen, op je werk en in je persoonlijk leven.

– Doe iets voor andere mensen of voor een ‘hoger’ doel, zoals natuur en milieu.

– Houd van wat er is, ook al ben je daarmee niet (helemaal) gelukkig.

Deze tips klinken eenvoudig en tegelijk zijn ze zeker niet makkelijk te leven. En je hoeft niet te wachten tot de goede voornemens bij een volgend nieuw jaar. Je kunt elk moment gaan inzien waarom het gaat en waar het jou om gaat. Wil je meer tips over geluk, lees dan eens ‘Het geluk, een handleiding’ van Manfred Kets de Vries.

Tijd is een gedachte (3)

In mijn vakantie in de bergen van Noorwegen had ik een ervaring die aansluit op mijn eerdere publicaties over ‘Tijd is een gedachte’.Het gaat over het verschil tussen chronos (agendatijd) en kairos (intuitieve tijd).

 

In de stoptrein van Hamar naar Roros, in de buurt van de Zweedse grens (bijna 4 uur reistijd), kwam de conducteur bij alle reizigers langs om te vertellen dat het toilet in de trein defect was en dat we ergens halverwege een toiletstop zouden maken. Hoewel er een omroepinstallatie in de trein was, was dit kennelijk een bericht dat hij persoonlijk wilde brengen. Vlak voor station Koppang kwam hij weer langs: de toiletstop kwam eraan. Ik vroeg hem hoe lang de trein zou stoppen? (een chronos-vraag). In gedachten bereidde ik me al voor op een snelle sprint en gehaast toiletbezoek. Hij glimlachte vriendelijk en gaf als antwoord: “Zo lang als iedereen nodig heeft.”

De mensen stapten uit en liepen op de twee toiletten af. Niemand was gehaast. We wisten niet wanneer de trein weer zou vertrekken. Al wachtend in de rij ontstonden aardige ontmoetingen. Zo kwam ik in gesprek met een Belg. “Je suis révolutionnaire” stond er op zijn T-shirt. Hij vertelde bakker te zijn in Rena, een eindje verderop. Hij had van slechts één ding spijt. Dat hij niet 20 jaar eerder was geëmigreerd naar dit onmetelijke land. De conducteur wist op het station toegang tot nog een paar toiletten te regelen. Al met al waren we een kleine vijftien minuten bezig, vervolgens stapte iedereen weer in en werden hier en daar de zojuist gelegde contacten voortgezet. Ik mijmerde hoe NS-reizen zouden verlopen met conducteurs die alles weten van kairos …

Tijd is een gedachte

Tijd is een gedachte. Traditioneel ‘timemanagement’ laat je nóg meer doen. De ervaring van ‘altijd tijd’ ontstaat door anders denken, kijken en bewustzijn, door ‘zijn’ in plaats van ‘doen’.

 

Een bekende vraag uit het traditionele ‘timemanagement’is: “Wat zijn de vier belangrijkste dingen in je leven?”En als je die hebt genoteerd, volgt de vraag: “Stel je de tijd even voor als 100%, hoeveel procent besteed je aan elk van die dingen?”De onvermijdelijke ontdekking die vrijwel iedereen doet, is dat je te weinig tijd besteedt aan de dingen die voor jou echt belangrijk zijn. Je besteedt minder tijd dan je zou willen aan je geliefden, je doet te weinig aan sport of een creatieve hobby en ga zo maar door. Vervolgens komt de vraag: “Wat ga je eraan doen om meer balans aan te brengen?”Ik weet niet hoe het jou dan vergaat, maar dit soort dingen hebben mij altijd stress bezorgd. Om balans te verkrijgen, moet je kennelijk iets doen. Zoals het formuleren van doelstellingen en resultaten, het maken van actieplannen. Mij is dat nooit gelukt. En dat leverde nóg een bron van frustratie op: “Behalve dat ik niet in balans ben, slaag ik er ook niet in om het te veranderen.” Tegenwoordig ervaar ik meestal geen stress en wel helderheid over mijn prioriteiten en keuzen.

 

Tijd is een gedachte. Over de hoeveelheid tijd en de besteding daarvan hebben we allerlei gedachten. Die maken dat we ons ontevreden, gejaagd, gefrustreerd of wat dan ook voelen. Je hoeft niets anders te doen dan je stressvolle gedachten te onderzoeken, soms keer na keer na keer, en dingen zullen als vanzelf veranderen.

 

Hoe ben je effectiever? Mét een stressvolle gedachte dat je iets moet veranderen (en het lukt niet)? Of ontspannen in dit moment en open voor alles wat zich aandient?

Zie: Altijd Tijd